Iedereen helpen, gelovig of niet, is een roeping van de kerk #nietalleen

Geloven in Moerwijk werd op de persconferentie van #nietalleen genoemd als hotspot van Coronahulp en een voorbeeld van de kerk in actie. Een hele eer. Maar wij kunnen dat alleen zijn dankzij uw steun! Dankuwel!

Utrecht – In anderhalve maand tijd is hulpplatform #nietalleen uitgegroeid tot een groot succes. Ook niet-gelovigen doen een beroep op het christelijke initiatief. ‘Nu de dood dichtbij is, zijn mensen bezig met de zin van het leven’, denkt bisschop Gerard de Korte.

Zes weken na de spontane start aan het begin van de coronacrisis blijkt hulpplatform #nietalleen een succes. Het begon in evangelische hoek van het protestantisme, maar intussen doen lokaal 1588 initiatieven mee, waaronder vijftig katholieke en zelfs twee moskeeën. Het hoofddoel is faciliteren: hulpvragen in coronatijd koppelen aan talloze initiatieven van kerken en organisaties die kunnen bijstaan.

In Utrecht gingen woensdag drie kerkelijke vertegenwoordigers met elkaar in gesprek over #nietalleen: René de Reuver (scriba van de Protestantse Kerk in Nederland), Gerard de Korte (bisschop van ‘s Hertogenbosch) en Samuel Lee (Theoloog des Vaderlands). Op 10 mei houden kerken een landelijke collecte voor #nietalleen, die ten goede komt aan alle lokale acties. De Reuver benadrukt dat de kerken hun diaconale taken blijven uitvoeren. ‘De collecte is voor die lokale initiatieven, niet voor de grote organisatie van #nietalleen.’

ongedocumenteerden
Welke achtergrond de mensen hebben die via #nietalleen hulp krijgen, is niet bekend. Lee denkt dat er door het initiatief ook onder niet-gelovigen veel nieuwe interesse in het christelijk geloof ontstaat. ‘Ik spreek mensen die zeggen: ik geloof niet, maar ga wel een Nieuw Testament aanschaffen.’

Evangelisatie is echter voor geen van de drie het hoofddoel. ‘We doen dit omdat we geroepen zijn anderen te helpen’, vertelt De Reuver. Diaconale initiatieven hebben een breed bereik. ‘De pioniersplek in Moerwijk in Den Haag is nu bijvoorbeeld een hotspot waar veel gebeurt. De burgerlijke gemeente steunt dat ook. En natuurlijk hoop je dat het evangelie ook niet-gelovigen raakt.’

‘Mensen zijn bezig met de zin van het leven, nu de dood dichterbij is’, denkt De Korte. Zijn bisdom is buitengewoon zwaar getroffen door het virus. Er zijn pastoors die de laatste weken meer dan dertig uitvaarten hebben geleid. ‘Maar je mag de nood van mensen niet gebruiken om te evangeliseren.’

Er blijven daarnaast zorgen over groepen die van de radar verdwijnen. Lee vertelt dat hij twee Nigerianen uit zijn gemeente kwijt is. ‘Zij zijn ongedocumenteerde migranten. Vaak hebben ze alleen prepaid telefoonnummers die vaak wisselen. Dan probeer ik vijf nummers te bellen, maar kan ik ze niet meer bereiken.’

In de migrantenkerk waarvan Lee voorganger is, is de gemeenschapszin groot. De lockdown hakt er dan nog harder in. ‘In Amsterdam Zuidoost dreigen gezinnen uit hun huis gezet te worden. Als iemand voor vijf euro per uur een schoonmaakbaan heeft, die nu wegvalt, proberen wij als kerk diegene te helpen met geld.’

ruzie bij de deur
Kunnen de kerken binnenkort weer voorzichtig diensten gaan houden? Echte diensten – niet op Zoom of Youtube?

Zaterdag wijdde De Korte de franciscaanse broeder Jan ter Maat tot diaken. Dat was gewaagd, geeft hij toe. ‘Er hoort een handoplegging bij. Ik heb daarvoor eerst mijn handen gedesinfecteerd. We besloten toch om het te doen. Deze broeder wilde het heel graag.’

De bisschop hoopt dat binnenkort doordeweekse eucharistievieringen weer mogelijk zijn. In de Bossche Sint Janskathedraal trekken de ochtendmissen gemiddeld zo’n dertig bezoekers. ‘We mogen hopen dat de kerken na 1 juni in ieder geval weer open mogen, maar dan wel met deurbeleid.’

‘Dat wordt bij ons ruzie aan de deur’, valt Samuel Lee direct in. In zijn gemeente staan mensen te springen om elkaar weer in de kerk te zien. Lee ziet problemen, als hij zodra er dertig mensen binnen zijn de deur moet sluiten voor de rest. ‘Tegelijk hoor ik ook mensen die zeggen: als jullie weer opengaan, kom ik niet.’

De Reuver benadrukt dat er nog geen enkel signaal is, dat er voor 1 juni meer ruimte komt voor kerkdiensten. Ook daarna is er voor de kerken onzekerheid. ‘Ik hoor ook dat de sluiting weleens de hele zomer kan gaan duren.’

Dat laatste scenario baart Lee zorgen. ‘Mijn gemeente is financieel gezond, maar zonder steun kunnen wij onze huur en onze projecten niet voor zo’n lange tijd betalen. Als wij tot september dicht blijven, betekent dat het einde van mijn gemeente.’

Bron: ND.nl

Coronahulp actie Moerwijk
Help samen met ons Moerwijk door de coronacrisis heen en doneer!
Doneren kan eenvoudig en veilig via deze link: https://bunq.me/CoronahulpGiM

Doneren kan natuurlijk ook door uw gift via uw eigen bank over te maken naar NL 82 BUNQ 2042 5094 50 tnv stichting Pionieren in Moerwijk onder vermelding van ‘Donatie Coronahulp Moerwijk’

Het geld komt op een speciale rekening van onze stichting Pionieren in Moerwijk en zal gebruikt worden voor coronahulp aan mensen in nood hier in Moerwijk..

Geeft u liever praktisch?

  • Grote partijen eten en drinken zijn ook welkom. Vraag rond bij de winkels in je buurt wat ze doen met hun restanten, of organiseer een inzameling met je straat of bijbelkring. 
  • Om de sfeer goed te houden in onze portieken zijn mensen die in binnentuinen een bingo, toneelvoorstelling of miniconcert op afstand kunnen organiseren van harte welkom. 
  • We zijn op zoek naar een bakfiets die we de komende weken kunnen lenen. Dus heb je een bakfiets thuis staan die je bijna niet meer gebruikt, dan zijn wij daar erg mee geholpen!
  • Deel onze berichten en oproepen via socialmedia in je eigen netwerk.

Heeft u vragen of juist een aanbieding? Neem dan contact op met:
Bettelies:  Bel, sms of Whatsapp 06 24 86 16 71 of stuur een mail naar pastor@geloveninmoerwijk.nl
Neo       :  Bel, sms of Whatsapp 06 34 196 796 of stuur een mail naar neo@moerwijk.nl
Henny   :  Bel, sms of Whatsapp 06 43 18 49 86 of stuur een mail naar henny@amargi.nl

Coronahulp actie Moerwijk in de pers
We hebben veel media aandacht gekregen, dat helpt enorm met het inzamelen van geld en goederen. Kijk de uitzending van Nieuwlicht met Bettelies terug
https://www.npostart.nl/nieuwlicht/24-03-2020/VPWON_1311038

En de uitzending van Nederland zingt waarin Neo laat zien wat de coronacrisis voor gevolgen heeft in Moerwijk https://www.npostart.nl/nederland-zingt-dichtbij/05-04-2020/VPWON_1312681

 

The Gospel according to Charles Eisenstein: Sacred Economics

I’m writing this while attending the Forgive Us Our Debts 2019 conference @ the Queens Foundation in Birmingham. Together with a large group of predominantly 50+ years old Theologians we investigate how we as Church can eradicate poverty. And what would happen if we take the ‘forgive us our debts´in the ‘Our Father’ literaliy (reinsalling the jubilee year perhaps ;-))

The most of them were just this morning introduced to Charles Eisenstein and  his ‘Gospel of sacred economics’.

Since my involvement with the Occupy Movement in the Netherlands starting 2011 I’m an active researcher on debt- and/or money-creation. And it was in 2012 that I first witnessed the rare voice of Charles.

Now he is gaining a large following due to his staggeringly visionary idea and heart-felt essays and became a popular teacher, speaker and is of course author of the in 2012 (!) released book “Sacred Economics: Money, Gift, and Society in the Age of Transition. A MUST READ!

Better late than never 😉

Enter Charles Eisenstein himself
The purpose of the book Sacred Economics: Money, Gift, and Society in the Age of Transition is to make money and human economy as sacred as everything else in the universe.

Today we associate money with the profane, and for good reason. If anything is sacred in this world, it is surely not money. Money seems to be the enemy of our better instincts, as is clear every time the thought “I can’t afford to” blocks an impulse toward kindness or generosity. Money seems to be the enemy of beauty, as the disparaging term “a sellout” demonstrates. Money seems to be the enemy of every worthy social and political reform, as corporate power steers legislation toward the aggrandizement of its own profits. Money seems to be destroying the earth, as we pillage the oceans, the forests, the soil, and every species to feed a greed that knows no end.

From at least the time that Jesus threw the money changers from the temple, we have sensed that there is something unholy about money. When politicians seek money instead of the public good, we call them corrupt. Adjectives like “dirty” and “filthy” naturally describe money. Monks are supposed to have little to do with it: “You cannot serve God and Mammon.”

At the same time, no one can deny that money has a mysterious, magical quality as well, the power to alter human behavior and coordinate human activity. From ancient times thinkers have marveled at the ability of a mere mark to confer this power upon a disk of metal or slip of paper. Unfortunately, looking at the world around us, it is hard to avoid concluding that the magic of money is an evil magic.

Obviously, if we are to make money into something sacred, nothing less than a wholesale revolution in money will suffice, a transformation of its essential nature. It is not merely our attitudes about money that must change, as some self-help gurus would have us believe; rather, we will create new kinds of money that embody and reinforce changed attitudes. Sacred Economics describes this new money and the new economy that will coalesce around it. It also explores the metamorphosis in human identity that is both a cause and a result of the transformation of money. The changed attitudes of which I speak go all the way to the core of what it is to be human: they include our understanding of the purpose of life, humanity’s role on the planet, the relationship of the individual to the human and natural community; even what it is to be an individual, a self. After all, we experience money (and property) as an extension of our selves; hence the possessive pronoun “mine” to describe it, the same pronoun we use to identify our arms and heads. My money, my car, my hand, my liver. Consider as well the sense of violation we feel when we are robbed or “ripped off,” as if part of our very selves had been taken.

A transformation from profanity to sacredness in money-something so deep a part of our identity, something so central to the workings of the world-would have profound effects indeed. But what does it mean for money, or anything else for that matter, to be sacred? It is in a crucial sense the opposite of what sacred has come to mean. For several thousand years, the concepts of sacred, holy, and divine have referred increasingly to something separate from nature, the world, and the flesh. Three or four thousand years ago the gods began a migration from the lakes, forests, rivers, and mountains into the sky, becoming the imperial overlords of nature rather than its essence. As divinity separated from nature, so also it became unholy to involve oneself too deeply in the affairs of the world. The human being changed from a living embodied soul into its profane envelope, a mere receptacle of spirit, culminating in the Cartesian mote of consciousness observing the world but not participating in it, and the Newtonian watchmaker-God doing the same. To be divine was to be supernatural, nonmaterial. If God participated in the world at all, it was through miracles-divine intercessions violating or superseding nature’s laws.

Paradoxically, this separate, abstract thing called spirit is supposed to be what animates the world. Ask the religious person what changes when a person dies, and she will say the soul has left the body. Ask her who makes the rain fall and the wind blow, and she will say it is God. To be sure, Galileo and Newton appeared to have removed God from these everyday workings of the world, explaining it instead as the clockwork of a vast machine of impersonal force and mass, but even they still needed the Clockmaker to wind it up in the beginning, to imbue the universe with the potential energy that has run it ever since. This conception is still with us today as the Big Bang, a primordial event that is the source of the “negative entropy” that allows movement and life. In any case, our culture’s notion of spirit is that of something separate and nonworldly, that yet can miraculously intervene in material affairs, and that even animates and directs them in some mysterious way.

It is hugely ironic and hugely significant that the one thing on the planet most closely resembling the forgoing conception of the divine is money. It is an invisible, immortal force that surrounds and steers all things, omnipotent and limitless, an “invisible hand” that, it is said, makes the world go ’round. Yet, money today is an abstraction, at most symbols on a piece of paper but usually mere bits in a computer. It exists in a realm far removed from materiality. In that realm, it is exempt from nature’s most important laws, for it does not decay and return to the soil as all other things do, but is rather preserved, changeless, in its vaults and computer files, even growing with time thanks to interest. It bears the properties of eternal preservation and everlasting increase, both of which are profoundly unnatural. The natural substance that comes closest to these properties is gold, which does not rust, tarnish, or decay. Early on, gold was therefore used both as money and as a metaphor for the divine soul, that which is incorruptible and changeless.

Money’s divine property of abstraction, of disconnection from the real world of things, reached its extreme in the early years of the twenty-first century as the financial economy lost its mooring in the real economy and took on a life of its own. The vast fortunes of Wall Street were unconnected to any material production, seeming to exist in a separate realm.

Looking down from Olympian heights, the financiers called themselves “masters of the universe,” channeling the power of the god they served to bring fortune or ruin upon the masses, to literally move mountains, raze forests, change the course of rivers, cause the rise and fall of nations. But money soon proved to be a capricious god. As I write these words, it seems that the increasingly frantic rituals that the financial priesthood uses to placate the god Money are in vain. Like the clergy of a dying religion, they exhort their followers to greater sacrifices while blaming their misfortunes either on sin (greedy bankers, irresponsible consumers) or on the mysterious whims of God (the financial markets). But some are already blaming the priests themselves.

What we call recession, an earlier culture might have called “God abandoning the world.” Money is disappearing, and with it another property of spirit: the animating force of the human realm. At this writing, all over the world machines stand idle. Factories have ground to a halt; construction equipment sits derelict in the yard; parks and libraries are closing; and millions go homeless and hungry while housing units stand vacant and food rots in the warehouses. Yet all the human and material inputs to build the houses, distribute the food, and run the factories still exist. It is rather something immaterial, that animating spirit, which has fled. What has fled is money. That is the only thing missing, so insubstantial (in the form of electrons in computers) that it can hardly be said to exist at all, yet so powerful that without it, human productivity grinds to a halt. On the individual level as well, we can see the demotivating effects of lack of money. Consider the stereotype of the unemployed man, nearly broke, slouched in front of the TV in his undershirt, drinking a beer, hardly able to rise from his chair. Money, it seems, animates people as well as machines. Without it we are dispirited.

We do not realize that our concept of the divine has attracted to it a god that fits that concept, and given it sovereignty over the earth. By divorcing soul from flesh, spirit from matter, and God from nature, we have installed a ruling power that is soulless, alienating, ungodly, and unnatural. So when I speak of making money sacred, I am not invoking a supernatural agency to infuse sacredness into the inert, mundane objects of nature. I am rather reaching back to an earlier time, a time before the divorce of matter and spirit, when sacredness was endemic to all things.

And what is the sacred? It has two aspects: uniqueness and relatedness. A sacred object or being is one that is special, unique, one of a kind. It is therefore infinitely precious; it is irreplaceable. It has no equivalent, and thus no finite “value,” for value can only be determined by comparison. Money, like all kinds of measure, is a standard of comparison.

Unique though it is, the sacred is nonetheless inseparable from all that went into making it, from its history, and from the place it occupies in the matrix of all being. You might be thinking now that really all things and all relationships are sacred. That may be true, but though we may believe that intellectually, we don’t always feel it. Some things feel sacred to us, and some do not. Those that do, we call sacred, and their purpose is ultimately to remind us of the sacredness of all things.

Today we live in a world that has been shorn of its sacredness, so that very few things indeed give us the feeling of living in a sacred world. Mass-produced, standardized commodities, cookie-cutter houses, identical packages of food, and anonymous relationships with institutional functionaries all deny the uniqueness of the world. The distant origins of our things, the anonymity of our relationships, and the lack of visible consequences in the production and disposal of our commodities all deny relatedness. Thus we live without the experience of sacredness. Of course, of all things that deny uniqueness and relatedness, money is foremost. The very idea of a coin originated in the goal of standardization, so that each drachma, each stater, each shekel, and each yuan would be functionally identical. Moreover, as a universal and abstract medium of exchange, money is divorced from its origins, from its connection to matter. A dollar is the same dollar no matter who gave it to you. We would think someone childish to put a sum of money in the bank and withdraw it a month later only to complain, “Hey, this isn’t the same money I deposited! These bills are different!”

By default then, a monetized life is a profane life, since money and the things it buys lack the properties of the sacred. What is the difference between a supermarket tomato and one grown in my neighbor’s garden and given to me? What is different between a prefab house and one built with my own participation by someone who understands me and my life? The essential differences all arise from specific relationships that incorporate the uniqueness of giver and receiver. When life is full of such things, made with care, connected by a web of stories to people and places we know, it is a rich life, a nourishing life. Today we live under a barrage of sameness, of impersonality. Even customized products, if mass-produced, offer only a few permutations of the same standard building blocks. This sameness deadens the soul and cheapens life.

The presence of the sacred is like returning to a home that was always there and a truth that has always existed. It can happen when I observe an insect or a plant, hear a symphony of birdsongs or frog calls, feel mud between my toes, gaze upon an object beautifully made, apprehend the impossibly coordinated complexity of a cell or an ecosystem, witness a synchronicity or symbol in my life, watch happy children at play, or am touched by a work of genius. Extraordinary though these experiences are, they are in no sense separate from the rest of life. Indeed, their power comes from the glimpse they give of a realer world, a sacred world that underlies and interpenetrates our own.

What is this “home that was always there,” this “truth that has always existed”? It is the truth of the unity or the connectedness of all things, and the feeling is that of participating in something greater than oneself, yet which also is oneself. In ecology, this is the principle of interdependence: that all beings depend for their survival on the web of other beings that surrounds them, ultimately extending out to encompass the entire planet. The extinction of any species diminishes our own wholeness, our own health, our own selves; something of our very being is lost.

If the sacred is the gateway to the underlying unity of all things, it is equally a gateway to the uniqueness and specialness of each thing. A sacred object is one of a kind; it carries a unique essence that cannot be reduced to a set of generic qualities. That is why reductionist science seems to rob the world of its sacredness, since everything becomes one or another combination of a handful of generic building blocks. This conception mirrors our economic system, itself consisting mainly of standardized, generic commodities, job descriptions, processes, data, inputs and outputs, and—most generic of all—money, the ultimate abstraction. In earlier times it was not so. Tribal peoples saw each being not primarily as a member of a category, but as a unique, enspirited individual. Even rocks, clouds, and seemingly identical drops of water were thought to be sentient, unique beings. The products of the human hand were unique as well, bearing through their distinguishing irregularities the signature of the maker. Here was the link between the two qualities of the sacred, connectedness and uniqueness: unique objects retain the mark of their origin, their unique place in the great matrix of being, their dependency on the rest of creation for their existence. Standardized objects, commodities, are uniform and therefore disembedded from relationship.

In this book I will describe a vision of a money system and an economy that is sacred, that embodies the interrelatedness and the uniqueness of all things. No longer will it be separate, in fact or in perception, from the natural matrix that underlies it. It reunites the long-sundered realms of human and nature; it is an extension of ecology that obeys all of its laws and bears all of its beauty.

Within every institution of our civilization, no matter how ugly or corrupt, there is the germ of something beautiful: the same note at a higher octave. Money is no exception. Its original purpose is simply to connect human gifts with human needs, so that we might all live in greater abundance. How instead money has come to generate scarcity rather than abundance, separation rather than connection, is one of the threads of this book. Yet despite what it has become, in that original ideal of money as an agent of the gift we can catch a glimpse of what will one day make it sacred again. We recognize the exchange of gifts as a sacred occasion, which is why we instinctively make a ceremony out of gift giving. Sacred money, then, will be a medium of giving, a means to imbue the global economy with the spirit of the gift that governed tribal and village cultures, and still does today wherever people do things for each other outside the money economy.

Sacred Economics describes this future and also maps out a practical way to get there. Long ago I grew tired of reading books that criticized some aspect of our society without offering a positive alternative. Then I grew tired of books that offered a positive alternative that seemed impossible to reach: “We must reduce carbon emissions by 90 percent.” Then I grew tired of books that offered a plausible means of reaching it but did not describe what I, personally, could do to create it. Sacred Economics operates on all four levels: it offers a fundamental analysis of what has gone wrong with money; it describes a more beautiful world based on a different kind of money and economy; it explains the collective actions necessary to create that world and the means by which these actions can come about; and it explores the personal dimensions of the world-transformation, the change in identity and being that I call “living in the gift.”

A transformation of money is not a panacea for the world’s ills, nor should it take priority over other areas of activism. A mere rearrangement of bits in computers will not wipe away the very real material and social devastation afflicting our planet. Yet, neither can the healing work in any other realm achieve its potential without a corresponding transformation of money, so deeply is it woven into our social institutions and habits of life. The economic changes I describe are part of a vast, all-encompassing shift that will leave no aspect of life untouched.

Humanity is only beginning to awaken to the true magnitude of the crisis on hand. If the economic transformation I will describe seems miraculous, that is because nothing less than a miracle is needed to heal our world. In all realms, from money to ecological healing to politics to technology to medicine, we need solutions that exceed the present bounds of the possible. Fortunately, as the old world falls apart, our knowledge of what is possible expands, and with it expands our courage and our willingness to act. The present convergence of crises—in money, energy, education, health, water, soil, climate, politics, the environment, and more—is a birth crisis, expelling us from the old world into a new. Unavoidably, these crises invade our personal lives, our world falls apart, and we too are born into a new world, a new identity. This is why so many people sense a spiritual dimension to the planetary crisis, even to the economic crisis. We sense that “normal” isn’t coming back, that we are being born into a new normal: a new kind of society, a new relationship to the earth, a new experience of being human.

I dedicate all of my work to the more beautiful world our hearts tell us is possible. I say our “hearts,” because our minds sometimes tell us it is not possible. Our minds doubt that things will ever be much different from what experience has taught us. You may have felt a wave of cynicism, contempt, or despair as you read my description of a sacred economy. You might have felt an urge to dismiss my words as hopelessly idealistic. Indeed, I myself was tempted to tone down my description, to make it more plausible, more responsible, more in line with our low expectations for what life and the world can be. But such an attenuation would not have been the truth. I will, using the tools of the mind, speak what is in my heart. In my heart I know that an economy and society this beautiful are possible for us to create-and indeed that anything less than that is unworthy of us. Are we so broken that we would aspire to anything less than a sacred world?

Kerk van nu?!: ‘ruzies bijleggen en feestjes vieren’

Moerwijk heeft een bloeiende kerk, maar verwacht geen drukbezochte vieringen op zondag. ‘Pionier’ Bettelies Westerbeek vertelt erover. ‘We zijn net één grote, enigszins disfunctionele familie.’

Groene lanen, rechte watertjes en keurige galerijflats sieren de buurt van de Marcuskerk in Moerwijk. In de jaren zeventig resideerden hier vooral witte ambtenaren. Maar hoe anders is het nu. De middenklasse is uitgeweken. In de goedkoopste sociale woningen van de stad, tussen beschimmelde, gehorige muren en rattenplagen, dromen bewoners van een nieuw, geordend leven. Het gaat om statushouders, bijstandsgerechtigden, ex-gedetineerden, en velen met andere moeilijke dossiers. Aangezien de meeste leden van de Marcuskerk niet meer in de wijk wonen, zocht de kerk naar nieuwe manieren om voor wijkbewoners van betekenis te zijn. Namens de landelijke protestantse kerk mocht Bettelies Westerbeek, een jonge theologe uit Utrecht, een ‘nieuwe vorm van kerk-zijn’ ontwikkelen. Op de plek waar dat ruim vijf jaar geleden begon – in een omgebouwde kerkwoning met huiskamer, keuken en langgerekte tuin – vertelt ze wat dat betekent.

Pizza-avonden
‘Ik wilde eerst maar eens de behoeften van wijkbewoners leren kennen. Al gauw bleek dat veel Moerwijkers zich chronisch niet-gehoord voelen. Vooral mensen met schulden en werkloosheid hebben het gevoel dat ze niet op hulp van ambtenaren of woningbouwcorporaties kunnen rekenen. Alsof ze tegen een “systeem van wantrouwen” oplopen waarin ze als verdachten of losers gezien worden. Dat frustreert en voedt ruzies, binnenshuis en in de wijk. Met Geloven in Moerwijk, want zo heet de pioniersplek officieel, proberen we het geloof in onszelf en elkaar te herwinnen met oprechte aandacht voor elkaar. In ons logo staat “huis, tuin en keuken = kerk”. Kortom: daar waar we lief en leed delen, zijn we kerk. Er zijn een hoop momenten waarop we elkaar troosten, naar antwoorden zoeken, levenslessen uitwisselen, ruzies uitpraten en vergeving schenken. Dat gebeurt bijvoorbeeld tijdens de pizza-avonden in de kerktuin (waar bewoners ook moestuintjes verzorgen), bij ‘samen vieren’ (lunch met bijbelverhaal en bezinning) of bij Leef, Eet, Deel Diners. Vaak aan tafel dus. En we bouwen feestjes, want die maken het leven lichter. Door zulke activiteiten zijn buurtgenoten elkaar thuis gaan opzoeken.

Nu we wortel geschoten hebben in de buurt, weten we wat Moerwijkers nodig hebben. We zijn een tweede uitdeelpunt van de Voedselbank in Moerwijk gestart en hebben de Moerwijk Coöperatie opgericht. De coöperatie wil Moerwijkers helpen om hun talenten te ontdekken, collectieve buurtondernemingen op te zetten en daardoor een inkomen te verdienen.

Verjaardag
Onze geloofsgemeenschap bestaat uit vijf kernleden die de missie voor ogen houden, twaalf “discipelen” die helpen bij het organiseren van activiteiten, en tal van meelevende buurtbewoners. De mooiste ervaring voor mij als pionier, is als mensen Gods liefde ervaren. Dat gebeurt! Wij noemen buurtgenoten geen leden of cliënten, maar  openlijk – kinderen van God. Als broeders en zusters brengen we liefde en geduld voor elkaar op. Ik denk bijvoorbeeld aan een buurtgenoot die – met teveel drank op – z’n gezin en vrienden geregeld met scheldpartijen belastte. Het is voor hem van levensbelang dat hij weet: ik zit fout, maar gelukkig zijn er mensen die me willen helpen en  na een goed gesprek – vergeven, want ik ben meer voor hen dan een klootzak met een drankprobleem. Deze man hield laatst zijn verjaardag in het bijzijn van tientallen blij ontroerde buurtbewoners. Wat was dat een prachtige viering!

Maar frustraties zijn er ook, bijvoorbeeld als Moerwijkers met wie er een band is opgebouwd plotseling verhuizen of spoorloos verdwijnen. Dat raakt je als broeder, zuster en gemeenschap. Als kernteam zoeken we dan altijd naar de redenen: doen we nog steeds wat het evangelie van ons vraagt, voorzien we als kerk genoeg in de behoeften van buurtbewoners? Van de lessen die we uit dit pionierswerk halen kan de hele kerk leren, niet alleen deze pioniersplek. Onze investering in elkaar is een investering in Christus.

Christenen van mijn generatie vragen zich vaak af wat het betekent om kerk te zijn. Bidden en God danken kan thuis ook, hoor ik soms. Tegen hen zeg ik: kom in Moerwijk wonen, word een naaste voor je buur, steun plaatselijke winkeliers door bij hen je boodschappen te doen. Lang niet iedereen noemt zich christelijk in Moerwijk, maar als gemeenschap zijn we dat zeker. We zijn net één grote, enigszins disfunctionele familie die elkaar met raad en daad bijstaat. Iedere dag en overal, in de geest van Jezus. We zijn kerk in zoverre we in elkaar geloven en voor elkaar zorgen.’

Tekst: Robert Reijns

Dit artikel verscheen in Kerk in Den Haag

Het Haagse college is gevallen. Wat nu?!

Het college van de gemeente Den Haag is gevallen. Coalitiepartijen VVD, D66 en GroenLinks hebben totaal geen vertrouwen meer in de grootste partij Groep de Mos omdat wethouders Richard de Mos, Rachid Guernaoui en raadslid Nino Davituliani verwikkeld zijn in een corruptiezaak.

Ter verduidelijking: De gemeenteraad vormt samen met het college van Burgemeester en Wethouder het dagelijks bestuur van een gemeente.

Wat gebeurt er dan wanneer het college valt? Hoe nu verder?
De overige drie partijen kunnen nu verder gaan als minderheidscoalitie. Ze hebben samen maar 18 zetels van de 45 zetels in de raad. Bij elk voorstel hebben zij dus de steun nodig van oppositiepartijen, en dat kan erg lastig zijn. De grootste oppositiepartijen zijn CDA, PvdA en Haagse Stadspartij met elk drie zetels.

Een andere optie is dat er een nieuw college komt. Als bijvoorbeeld CDA en PvdA zich willen aansluiten bij VVD, D66 en GroenLinks is er weer een meerderheidsbestuur. CDA en PvdA zaten ook in het vorige bestuur, dus dit is geen vreemde optie.

Het kan ook nog voorkomen dat het hele college wordt ontbonden en de burgemeester ervoor kiest de gemeente te besturen zonder wethouders. Natuurlijk gaat ze dan wel op zoek naar nieuwe wethouders.

Het is voor ons dus nog even afwachten wat er nu verder gaat gebeuren. En wat de consequenties zijn voor de plannen van de Moerwijk Coöperatie.

Want dat we samen met de wethouders Richard de Mos en Rachid Guernaoui iets moois voor en in Moerwijk aan het optuigen waren, is een ding wat zeker is.

Hopelijk kunnen die plannen met een nieuw college gewoon doorgang vinden.

PS
Het AD weet gelukkig te melden dat de coalitiepartijen in gesprek willen gaan met de gemeenteraad op zoek naar een nieuwe meerderheidscollege.

PPS
Inmiddels is bekend hoe de portefeuille van de weggevallen wethouders over de overige zittende wethouders verdeeld worden

Gert-Jan Segers en Tim Hofman zij aan zij met Coalitie-Y

Politicus Gert-Jan Segers en programmamaker Tim Hofman willen met hun Coalitie-Y de problemen van jongeren op de politieke agenda krijgen. Met succes.

Mooi artikel van de hand van in Trouw over hoe de 2  ‘tegenpolen’ samen generatie-Y proberen te helpen.

Toen programmamaker Tim Hofman (BNN/Vara) een jaar geleden het Binnenhof op zijn kop zette met een kwart miljoen handtekeningen voor het kinderpardon, kreeg hij een telefoontje van politicus Gert-Jan Segers (ChristenUnie). Het ging over iets heel anders. Of ze konden praten over de problemen van jongeren? Hofman hield de boot af. “Eerst het kinderpardon fixen. Dan zien we verder”. Hoe graag Segers zelf ook een verruiming van het kinderpardon wilde, hij kon het op dat moment niet regelen. Hij had zich te houden aan een regeerakkoord.

Dat ze nu naast elkaar zitten, schouder aan schouder, komt door een telefoontje dat later volgde, in de winter. Segers belde Hofman, nog voordat het nieuws naar buiten was : “Het is gelukt, er is een deal”. Wat niemand had verwacht, was toch gebeurd, het kinderpardon kwam er alsnog. “Dat gevoel, holy shit!”, blikt de programmamaker terug, “Het besef dat het zin had gehad, al dat actievoeren. Je kan dus door je stem te verheffen en door massa te maken met zoveel mogelijk medestanders, echt dingen veranderen.”

‘Holy shit-moment’
Vanaf dat moment begon de samenwerking tussen de twee, een samenwerking van uitersten. Segers en Hofman bedachten samen Coalitie-Y, een front van jongerenorganisaties, studenten, scholieren, politieke partijen en wie zich maar wil aansluiten. Doel: de problemen van de jonge generaties op de politieke agenda krijgen. Noem het een gelegenheidsverbond, een pact van twee tegenpolen, een nieuwe vorm van alliantiepolitiek, waarbij een politieke partij niet in, maar buiten de Tweede Kamer steun organiseert voor haar wensen. En opnieuw was daar al een ‘holy shit’-moment.

Een van de belangrijkste punten van de coalitie is dat het leenstelsel verdwijnt, nu of in een volgende kabinetsperiode. Dat is al binnen handbereik, sinds onlangs ook GroenLinks én de PvdA zich aansloten bij Coalitie-Y, partijen die mede het leenstelsel introduceerden. Voor de PvdA was een handtekening zetten het positieve gebaar dat de ommekeer makkelijker maakte. Ook SGP, 50Plus, SP, Denk en Partij voor de Dieren onderschrijven het manifest van Coalitie-Y.

“De naam komt bij hem vandaan”, wijst Segers naar Hofman. De twee zitten naast elkaar in de werkkamer van de ChristenUnie-fractieleider. “We wilden een breed front rond generatie-Y en hij zei: ‘Dat wordt dus Coalitie-Y’. Tim is iemand die de wereld van buiten binnen brengt in de politiek. Bij het kinderpardon zocht hij de grenzen op, hij liet het Iraakse jongetje Nemr spreken met politici. Maar het gave is wel: met Coalitie-Y kunnen we laten zien dat het mogelijk is om door te dringen tot de politiek. Het kan wél. Veel jongeren zijn apatisch; ze denken: de politiek dendert toch door. ”

Niet te klef
Hofman: “Het mooie is, ik werk samen met iemand die één op één het tegenovergestelde is van wie en wat ik zelf ben. Met een christelijke politicus, met wie ik in veel andere kwesties lijnrecht van mening verschil. Dat maakt zo’n samenwerking ook eerlijker. Het kan tussen ons niet te klef worden. Volgende week sta ik op het Binnenhof met mijn camera voor het programma ‘#Boos’ en dan is het weer ‘meneer Segers’ en ga ik er hard in.”

Segers: “We hebben samen geweldige gesprekken over alles waarover we van mening verschillen, inclusief God en geloof.”

Hofman: “Ja vertel eens, wanneer houden de christelijke scholen op om leerlingen te weigeren op grond van hun identiteit?”

Segers: “Ik doe dit niet omdat ik via hem even een blik Vara-VPRO jongeren wil opentrekken voor mijn eigen politiek gewin. Het is geen geheim dat de ChristenUnie tegen het leenstelsel is. Dat punt hebben wij alleen in het regeerakkoord niet kunnen maken. Ik kan dat regeerakkoord niet openbreken, maar ik kan wel voor een volgende regeerperiode alles op scherp zetten. En dat moet nu beginnen, nu alle partijen hun verkiezingsprogramma’s schrijven. Ik heb ook gezegd: misschien lukt het om één of twee partijen die het leenstelsel steunen, los te weken en onze kant op te krijgen. En dat is gelukt, GroenLinks en PvdA zijn om.”

Draagvlak
Hofman: “De PvdA is nog niet 100 procent op onze lijn, wij willen voor iedereen de basisbeurs terug, zij voor een groot deel van de studenten. Maar het leenstelsel in de huidige vorm is z’n draagvlak wel kwijt.”

Segers: “Coalitie-Y is geen verkapte actie ‘weg met het leenstelsel’, iets wat de ChristenUnie via een achterdeurtje probeert te regelen. Het is veel breder. Het leenstelsel is voor veel jongeren het symbool van veel meer problemen die voor hen optellen. Lenen leidt tot prestatiedruk, tot problemen om later een huis te kunnen kopen. Het gaat zelfs over het mensbeeld, het is echt neoliberaal denken: wie sterk is, pakt zijn kansen, wie investeert verdient vanzelf terug. Zo is het echte leven niet. Mijn eigen dochters zeggen: ‘Pap, onze generatie is de sjaak, het stapelt allemaal op’ ”.

Hofman: “Dat erkent premier Rutte ook.”

Studieschuld
Segers: “We zijn bij hem op bezoek geweest op het Catshuis, met een delegatie van Coalitie-Y. Voor hem was het ook: de optelsom van alle verhalen over studieschuld, geen huis vinden, later met alles kunnen starten in je leven, hoe dat samen optelt, dat is een probleem. Wat hem betreft krijgen jongeren bij de volgende kabinetsformatie een plek aan tafel, net als andere adviseurs die het kabinet raadpleegt.”

Hofman: “We hebben 12.000 jongeren die via e-mail kunnen meedenken, dus ik hoop dat ze ons bestoken met ideeën. Jongeren hebben het heel lang niet nodig gehad om in actie te komen. Bij de vorige verkiezingen waren ze geen agendapunt; het leek of alles goed ging voor die groep. Totdat de jongeren ontdekten: je komt met 40.000 euro schuld je studie uit, klimaatbeleid gaat traag, je kunt geen huis vinden. Ik heb weleens gezegd: ze moeten zichzelf een schop onder hun hol geven. Democratie is een tool, zeg ik tegen ze. Gebruik het. Dat is het mooie van dit manifest. Alles wat er los komt. Veel jongeren vragen of ze zich kunnen aansluiten.”

Segers: “Bij de volgende verkiezingen gaat het gebeuren”.

Hofman: “Je hoeft daarvoor geen lid van de ChristenUnie te worden. Sluit je aan bij een vakbond. Begin een eigen organisatie. Er zijn heel veel manieren om politiek invloed uit te oefenen.”

Wat is Coalitie-Y?
Met een manifest van tien eisen vraagt Coalitie-Y aandacht voor jonge generaties. Het manifest heeft een breed draagvlak: bijna alle studentenorganisaties doen mee, de plattelandsjongeren, studentenvakbonden, en is ondertekend door ChristenUnie, PvdA, Groenlinks, 50Plus, Denk, PvdD, SGP en SP. De belangrijkste eisen zijn de terugkeer van de basisbeurs, garanties voor stageplaatsen, meer vaste banen, meer woningen voor jongeren en een plek aan de kabinetsformatie. Het initiatief komt van programmamaker Tim Hofman, samen met politicus Gert-Jan Segers van de ChristenUnie.

Kerkasiel voor eerlijk Kinderpardon nu in Den Haag 

Na Katwijk gaat het Kerkasiel in Den Haag verder. 
De Protestantse Kerk Den Haag laat via Stek Den Haag het volgende weten:

Gemeenten kennen hun kerken niet – door Radboud Engbersen op Binnenlands Bestuur

Logo Binnenlands Bestuur Gemeenten kennen hun kerken niet oa over Geloven in Moerwijk Den Haag Pionieren in Moerwijk Den Haag Bettelies WesterbeekOnlangs was ik in de Jan Luykenlaan in de Haagse naoorlogse wijk Moerwijk. Drie corporaties hebben er bezit. Dat betekent veel arme bewoners, waarvan een groot aantal met een migrantenachtergrond. In Moerwijk is lang geaarzeld met het opknappen van veel woningen, want moesten ze niet gesloopt worden?

Nu is de knop blijkbaar omgezet. Ik zag fraai gerenoveerde wooncomplexen. De karakteristieke binnentuinen van deze wijken krijgen binnenkort een opknapbeurt, zo ook andere publieke ruimten en trottoirs. Moerwijk grenst aan Het Haagse Zuiderpark waar ooit FC Den Haag, de voorganger van ADO Den Haag, speelde. Het voetbalstadion is al lang verplaatst, in de plaats daarvan ligt sinds kort een architectonisch imposant sportcomplex.

Met de fysiek-ruimtelijke investeringen lijkt het wel goed te komen in Den Haag Zuidwest, maar wordt er ook geïnvesteerd in de bewoners? Het is bekend: Nederland transformeert in de richting van een participatiesamenleving. Veel meer dan vroeger wordt gerekend op een grotere inbreng van burgers/bewoners. Zaken als zorg en omkijken naar elkaar, onderling contact, gezelligheid en ontmoeting worden meer en meer in handen gelegd van de bewoners en hun informele organisatie en netwerken.

In Moerwijk zie je iets dat op meer plaatsen zichtbaar is: de kerken spelen er op sociaal gebied een belangrijke rol. Aan de Jan Luykenlaan ligt de Marcuskerk waar een jonge predikante tal van sociale activiteiten ontplooit, o.a. in de vorm van een naast de kerk gelegen buurttuin. In een zijstraatje van de Jan Luykenlaan is ook een ‘kinderwinkel’ – ook een initiatief van de kerk – waar kinderen en tieners terecht kunnen voor allerlei activiteiten, zoals koken, huiswerk maken, muzieklessen en knutselen. In Moerwijk zien we een klassieke sociale infrastructuur verschralen en een informele religieuze infrastructuur er een tandje bijzetten op maatschappelijk gebied.

Wie de leefwereld van kwetsbare migrantengroepen binnenstapt, kan vaststellen dat de kerk voor veel van hen een belangrijke plaatst inneemt. Bedenk dat Nederland een relatief seculier eiland is in een mondiale zee van gelovigheid. De kerk staat migrantengroepen niet alleen spiritueel bij, maar juist ook maatschappelijk. Dat is niet alleen in Nederland het geval, maar ook in buurland België. De kerken vervullen daar, in de woorden van de Belgische antropoloog Blommaert, de functie van frontlijn-opvangnetwerk voor nieuwe en kwetsbare migranten. In deze kerken, vaak behuisd in winkels, ontmoeten ze niet alleen vriendelijke mensen, maar is er ook allerhande materiële hulp beschikbaar in de vorm van een logeerplek, goedkope huisraad, voedsel, kinderopvang en soms een baan. Platform31 heeft dat ook in een verkenning naar de maatschappelijke rol van religieuze organisaties voor de gemeente Rotterdam kunnen vaststellen. Veel migranten wenden zich niet tot klassieke welzijnsorganisaties, maar eerder tot kerken en religieuze organisaties met uiteenlopende vragen voor ondersteuning, zoals bij relatie- en opvoedingsproblemen, huiswerkklassen voor hun kinderen en voor administratieve en materiële hulp.

De Rotterdamse verkenning leerde dat traditionele protestantse en katholieke kerken aan het uitsterven zijn. Hun actieve ledental neemt dramatisch af, ze bestaan bij de gratie van zeventig en tachtig jaar oude vrijwilligers, en hun diaconale fondsen en armenfondsen drogen op. De jeugdige vitaliteit, concludeerden we, zit vooral bij de migrantenkern (Evangelische kerken en Pinkstergemeentekerken) en bij de moskeeën. Platform31 heeft de Rotterdamse verkenning naar de maatschappelijke rol van religieuze organisaties nu verplaatst naar de gemeente Amsterdam. Eén van de interessante ontdekkingen daar is de opkomst van jeugdige christelijke leefgemeenschappen in verschillende Amsterdamse wijken vanuit de ‘witte’ protestantse kerk. Tot de verbeelding spreekt het Kleiklooster in de Amsterdamse Bijlmer; de kleine gemeenschap brouwt ook kloosterbier. Deze gemeenschap is evenals de andere gemeenschappen wars van bekeringspraktijken, ze hebben zich in een flat in de Bijlmer genesteld omdat ze een positieve maatschappelijke rol wil vervullen voor buurtbewoners. Ook de predikante van de Haagse Marcuskerk kan je tot deze nieuwe jeugdige generatie rekenen.

Ambtenaren en gemeentebesturen hebben maar beperkt zicht op wat zich afspeelt binnen het zeer diverse palet aan kerken en moskeeën in hun gemeente. Dat komt o.a. omdat veel gemeenteambtenaren tot een generatie behoren die zich – het geldt ook voor mijzelf – in hun jeugd hebben ontworsteld aan de kerk. Van die religieuze wereld zijn ze vervreemd. Tot op zekere hoogte is het goed dat de kerken/religieuze organisaties en overheden op enige afstand van elkaar staan, maar die afstand moet niet tot onbegrip, onverschilligheid en onbekendheid leiden. Er ligt een opgave om bruggen te slaan en de kennis over de maatschappelijke rol van religieuze organisaties te actualiseren. Juist in het licht van de gewenste participatiesamenleving is het belangrijk daarover adequaat geïnformeerd te zijn.

Door Radboud Engbersen op Binnenlands Bestuur

Over Geloven in Moerwijk
Geloven in Moerwijk is een jonge huis-tuin-en-keuken kerk in Moerwijk. Wij willen kerkzijn op een creatieve en praktische manier die past bij onze buurt en die aansprekend is voor mensen zonder christelijke achtergrond. Dit doen we onder andere door onze buurttuin, veel samen eten, praten en lachen, op zo’n manier dat mensen uit verschillende culturen zich thuis voelen.

We vinden het belangrijk om ons leven en geloof te delen met elkaar en de mensen om ons heen. Met elkaar willen we een positieve bijdrage leveren aan onze buurt. We dagen elkaar en de mensen om ons heen uit om Jezus na te volgen.

Mogen we ook op uw en jouw gebed, betrokkenheid en/of financiële steun rekenen?

Haagse gebedshuizen geloven in groen

Geloven in Groen Geloven in Moerwijk Pionieren in Moerwijk Den Haag Bettelies Westerbeek Pioniersplek PKN Haagse gebedshuizen ‘Geloven in groen’ heet het initiatief van verschillende Haagse geloofsrichtingen, om hun gebedshuizen milieuvriendelijker te maken. Tijdens een bijeenkomst in de Al-Hikmah moskee werden kennis en ervaringen uitgewisseld. ‘Duurzaamheid is geen luxe, het zit in ons geloof gebakken.’

Eind vorig jaar kwamen zo’n veertig moslims, christenen en hindoes samen in de Al-Hikmah moskee in Moerwijk om te praten over milieuvriendelijke gebedshuizen. Organisator was Initiatives of Change, een wereldwijd netwerk van mensen van verschillende levensovertuigingen met als doel zich in te zetten voor een betere wereld. De bijeenkomst was gehouden in opdracht van de gemeente Den Haag en is onderdeel van het initiatief ‘Geloven in Groen’. Daarin slaan gebedshuizen van verschillende geloven de handen ineen om onder andere CO2 te besparen.
Op enkele bijeenkomsten wisselen gelovigen ervaringen en kennis uit op het gebied van energiebeheer en tuinieren. Ze krijgen ondersteuning van adviesbureau De Verbouwwinkel, dat in 2017 bij vijftien gebedshuizen een quickscan uitvoerde om het huidige energieverbruik en mogelijkheden voor verbetering in kaart te brengen.

Overeenkomsten
De bijeenkomsten scheppen een band. Bij hun inzet voor duurzaamheid ontdekken gelovigen veel overeenkomsten: het werken met vrijwilligers, het vaak beperkte budget, een achterban die je moet zien mee te krijgen en de grootte van de gebouwen. En: de religieuze inspiratie om te zorgen voor de aarde en alles wat daarop leeft.
‘Ik was positief verrast door wat de gebedshuizen al doen’, zegt Floris Schuit van De Verbouwwinkel. ‘Mensen zijn betrokken. Ze hebben echt een doel voor ogen, ze willen een beter mens zijn en bijdragen aan een betere samenleving.’ Maar tussen willen en kunnen staat vaak het budget. ‘Daarom hebben we in onze adviezen duidelijk de investering steeds afgezet tegen de milieuwinst.’
Duurzaamheid gaat niet alleen om technische snufjes, maar ook om bewustwording, zegt bouwtechnicus Ismail Khallouki van de as-Soennah moskee. Daar worden de temperatuur en verlichting gereguleerd, en in de rituele wasruimte hangen A4-tjes die moskeegangers oproepen om zuinig te zijn met water. Khallouki: ‘In de Koran staat dat je zo min mogelijk water moet verspillen.’

Vegetarisch
Toch blijkt het niet altijd gemakkelijk anderen mee te krijgen om de daad bij het woord te voegen, merkt Klaas Bruins, diaconaal werker bij buurt- en kerkhuis Bethel. Toen ze twee van de acht maandelijkse buurtmaaltijden vegetarisch maakten, kwam er protest van de buurtbewoners. ‘Ik heb uitgelegd waarom we het doen, maar sommigen blijven nu weg.’ Bruins neemt niet alleen deel aan ‘Geloven in Groen’ om ideeën op te doen, maar ook om geïnspireerd en gemotiveerd te blijven. ‘Sommigen verwarren behoeftes met rechten. Maar we kunnen niet zomaar alles doen. Mijn geloof maakt me bewust van de verantwoordelijkheid die we hebben. Ik stel me voor hoe God naar zijn schepping kijkt. Het moet pijnlijk zijn hoe wij er mee omgaan. Ik vind het inspirerend dat iedereen hier vanuit zijn eigen achtergrond die verantwoordelijkheid voelt.’

Rentmeesterschap
Veel religieuze tradities blijken overeenkomstige ideeën te hebben over de omgang met de natuur, zoals het rentmeesterschap. De profeet Mohammed zei: ‘Als het laatste uur aanbreekt, terwijl je een jong boompje naar de aarde draagt om het te planten, ga dan door en plant het.’ Een uitspraak die ook onder christenen bekend is en Luther ooit gedaan zou hebben. Verschillende aanwezige gebedshuizen willen deze filosofie eer aan doen door voor meer groen rondom hun gebouwen te zorgen.
Groen heeft meer nut dan het vermeerderen van de biodiversiteit. Geloven in Moerwijk heeft achter de Marcuskerk een fijne buurttuin ingericht . Bettelies Westerbeek, die het tuinenproject leidt, zegt: ‘De tuin biedt een laagdrempelige manier om met elkaar in contact te komen.’
De gebedshuizen blijven met elkaar in gesprek. Zo ontstond het idee om elkaars tuinen te bezoeken en uit te wisselen over zonnepanelen. Jan Vroonland (Kerk in Actie) en Deniz Özkanli (Islamitische Stichting Nederland), die samenwerken in het netwerk ‘Groene Kerken’, lieten alvast zien dat er nog veel stappen zijn die gebedshuizen kunnen nemen, van groen beleggen tot de inkoop van de juiste bloemen. Özkanli: ‘We moeten duurzaamheid niet als extraatje of luxe zien. Het zit in ons geloof ingebakken.’

Tekst: Irene de Pous
Foto: Martine Sprangers.
Dit is een ingekorte versie van een artikel dat eerder verscheen op de website van Initiatives of Change: iofc.nl.

Over Geloven in Moerwijk
Geloven in Moerwijk is een jonge huis-tuin-en-keuken kerk in Moerwijk. Wij willen kerkzijn op een creatieve en praktische manier die past bij onze buurt en die aansprekend is voor mensen zonder christelijke achtergrond. Dit doen we onder andere door onze buurttuin, veel samen eten, praten en lachen, op zo’n manier dat mensen uit verschillende culturen zich thuis voelen.

We vinden het belangrijk om ons leven en geloof te delen met elkaar en de mensen om ons heen. Met elkaar willen we een positieve bijdrage leveren aan onze buurt. We dagen elkaar en de mensen om ons heen uit om Jezus na te volgen.

Mogen we ook op uw en jouw gebed, betrokkenheid en/of financiële steun rekenen?

Over Geloven in Groen
Vanaf september 2017 is het initiatief Geloven in Groen officieel van start gegaan bij Initiatives of Change (IofC). In opdracht van de gemeente Den Haag zet IofC zich in om hindoes, christenen en moslims via hun gebedshuizen in Den Haag met elkaar te verbinden op het thema van duurzaamheid. De gemeente Den Haag wil in 2040 klimaatneutraal zijn en steunt organisaties en bedrijven uit dezelfde sector om in duurzaamheidskringen samen te werken en ervaringen uit te wisselen. Inmiddels zijn zo’n twintig Haagse gebedshuizen actief betrokken. Ze worden hierbij ondersteund door adviesbureau De Verbouwwinkel, dat in 2017 bij vijftien gebedshuizen een quickscan uitvoerde om het huidige energieverbruik en mogelijkheden voor verbetering in kaart te brengen.Geloven in Moerwijk is met de Marcustuin, de Marcuskerk en de Mirtekerk, ėėn van de partners van dit project. Voor meer informatie zie de website van Initiatives of Change.

Handige links voor gebedshuizen

  • Klimaatfonds(link is external) (Duurzaam Den Haag)
    Zoek jij financiering voor energie besparen of voor het opwekken van duurzame energie? Op bovenstaande link vind je de basis informatie over aanvragen voor een bijdrage van het  Klimaatfonds voor CO2-reducerende maatregelen.
  • Subsidie Duurzaamheid (link is external)(gemeente Den Haag)
    Start je een duurzaam project in jouw wijk? De gemeente helpt je graag met het ontwikkelen van het project. Zo help jij ook mee om Den Haag duurzamer te maken. Tot maximaal 5000 euro voor organisatiekosten. Als er gebedshuizen zijn die een postcoderoos willen maken, vallen zij waarschijnlijk onder de voorwaarden.
  • Verbouwwinkel/ Base Consultancy(link is external): technische partij die quickscans verzorgt
    Als je vragen hebt over de quickscan, neem dan contact op met Floris Schuijt(link sends e-mail).

Netwerken en organisaties in Nederland

Schuld en vergeving – column Bettelies Westerbeek

TNT Post Postbode Schuld Vergeving Geloven in Moerwijk Geloven in Groen Geloven in Moerwijk Pionieren in Moerwijk Den Haag Bettelies Westerbeek Pioniersplek PKN Pionieren in MoerwijkVanuit de keuken zie ik de postbode voorbij lopen. Scheef van de zware tas sjokt hij langs de deuren. Hij maakt een vermoeide indruk. In zijn tas weinig verjaardagskaarten maar vooral rekeningen, aanmaningen en brieven van incassobureaus. Hij draagt letterlijk de schuld van onze buurt op zijn schouders. De enveloppen die op de mat vallen zullen niet verwachtingsvol worden opengemaakt, vaak verdwijnen ze uit paniek en schaamte ongeopend in een la. Wat je niet ziet dat is er niet. Zorgen zijn er al genoeg.Een groot gedeelte van de mensen in onze buurt kampt met schulden. Deels als gevolg van eigen handelen, maar ook vaak door een systeem wat faalt en geen bescherming biedt aan hen die weinig geld hebben. Als je je rekening niet kunt betalen, dan krijg je een boete en daarna nog een boete. Het houdt mensen gevangen en het put onze buurt uit, we snakken hier naar een leven bevrijd van schuld en een schone lei.

Tussen de aanmaningen ook post van alle loterijen die ons land kent. Als valse messiassen brengen deze brieven hoop in het hart van de ontvanger. ‘Mocht ik winnen, dan kan ik eindelijk weer verder’. Ook welvaartsevangelisten doen het goed in onze wijk: geloof in Jezus en je problemen lossen zich vanzelf op, God wil dat jij rijk bent. Bid om een wonder!

Ons spreken over schuld en vergeving is voorzichtiger. Over Jezus die vrijheid brengt, geloof dat helpt de schaamte van armoede en schuld te doorbreken. Dat er mensen zijn die je kunt vertrouwen. Samen verheffen we onze stem tegen het onrecht van de groeiende schulden. De tas van de postbode zal er niet meteen lichter van worden. Maar steeds als iemand de moed vindt de post niet weg te stoppen in een la maar te openen, is dat wel degelijk een wonder.

Over Geloven in Moerwijk
Geloven in Moerwijk is een jonge huis-tuin-en-keuken kerk in Moerwijk. Wij willen kerkzijn op een creatieve en praktische manier die past bij onze buurt en die aansprekend is voor mensen zonder christelijke achtergrond. Dit doen we onder andere door onze buurttuin, veel samen eten, praten en lachen, op zo’n manier dat mensen uit verschillende culturen zich thuis voelen.

We vinden het belangrijk om ons leven en geloof te delen met elkaar en de mensen om ons heen. Met elkaar willen we een positieve bijdrage leveren aan onze buurt. We dagen elkaar en de mensen om ons heen uit om Jezus na te volgen.

Mogen we ook op uw en jouw gebed, betrokkenheid en/of financiële steun rekenen?

Oud en Nieuw Potluck Party!

Geloven in Moerwijk Oud & Nieuw Potluckparty 2017

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Oud en Nieuw Potluck Party!
Kom op 31 december vanaf 21:30 naar het Marcushuis om samen met andere leuke mensen uit de buurt het oude jaar uit te zwaaien en 2018 feestelijk te beginnen!
We vieren dit feest potluck stijl, dat betekent dat iedereen wat te eten of te drinken meeneemt. Dit hoeft niet veel te zijn, alles is goed! Speel je een instrument of ken je een leuk spel ter verhoging van de feestvreugde? Neem het mee dan maken we er samen een spetterend feest van. Wij zorgen voor de (alcoholvrije) bubbels om samen te proosten op een bruisend nieuw jaar!

Ook je buren, vrienden of familie zijn van harte welkom!

Wat:          Oud en Nieuw Potluck Party!
Wanneer:  31 december 2017 21:30 – 02:00 uur
Waar:        Marcushuis, Jan Luykenlaan 92a

Laat je even weten of je komt? Dat kan door Bettelies een mailtje te sturen (haar mailadres is bettelies@gmail.com)
Vind je het spannend om over straat te gaan met oud en nieuw maar wil je wel graag komen? neem dan even contact met ons op, dan regelen we dat je wordt opgehaald en thuisgebracht!

Over Geloven in Moerwijk
Geloven in Moerwijk is een jonge huis-tuin-en-keuken kerk in Moerwijk. Wij willen kerkzijn op een creatieve en praktische manier die past bij onze buurt en die aansprekend is voor mensen zonder christelijke achtergrond. Dit doen we onder andere door onze buurttuin, veel samen eten, praten en lachen, op zo’n manier dat mensen uit verschillende culturen zich thuis voelen.

We vinden het belangrijk om ons leven en geloof te delen met elkaar en de mensen om ons heen. Met elkaar willen we een positieve bijdrage leveren aan onze buurt. We dagen elkaar en de mensen om ons heen uit om Jezus na te volgen.

Mogen we ook op uw en jouw gebed, betrokkenheid en/of financiële steun rekenen?